Jan Pronk - Vrijheid zonder grenzen (2007)
De 5 meilezing
markeert jaarlijks de start van de Nationale Viering van de
Bevrijding. In 2007 vond deze nationale start plaats in de
provincie Utrecht. In de ochtend van 5 mei heeft drs. J.P. Pronk
in de Dom te Utrecht de lezing ‘Vrijheid zonder grenzen’
uitgesproken, in aanwezigheid van de minister-president,
ambassadeurs en vele andere gasten. Hij deed dit op uitnodiging
van het Nationaal Comité 4 en 5 mei.
De start van de Nationale Viering van de Bevrijding vormt de
brug tussen de ingetogenheid van de Nationale Herdenking op 4
mei ’s avonds en de feestelijkheden van de middag en avond van 5
mei, de dag waarop we de vrijheid vieren
Z.K.H. de Prins
van Oranje hield in 2005 ter gelegenheid van het lustrumjaar, 60
jaar viering van de bevrijding, de 5 meilezing. In ‘Aan de
vrijheid verplicht’ riep hij op om als vrije en
verantwoordelijke burgers in het dagelijks leven Zivilcourage te
tonen. Generatiegenoten spoorde hij aan om de eigen
verantwoordelijkheid voor de vrijheid op te pakken.
Deze aansporing van de Prins vormt het uitgangspunt voor de
opzet van de 5 meilezing in de jaren erna. In 2007 hebben vijf
studenten van de rechtenfaculteit van de Universiteit van
Utrecht zich verdiept in het onderwerp vrijheid, grondrechten en
veiligheid. Zij zijn hierover in gesprek gegaan met Pronk.
De 5 meilezing van Jan Pronk is gebundeld met de 4 meilezing van
Ernst Jansz uitgegeven door het CPNB en verkrijgbaar in de
boekhandel.
ISBN 978 90 5965 053 4
Jan Pronk - Vrijheid zonder grenzen
Twee jaar geleden werd de 5 meilezing gehouden door prins Willem-Alexander. ‘Willen we de vijfde mei ook voor volgende generaties levend houden,’ zo zei hij, ‘dan zullen we de betekenis van die datum moeten verbreden. Een generatiewisseling betekent het opnemen van eigen verantwoordelijkheid: er is niemand meer die voor je uitloopt…’ Ik ben geboren in maart 1940, twee maanden voor de inval van de Duitse troepen in ons land. Dat maakt mij niet de aangewezen persoon om een generatiewisseling in de beleving van de Tweede Wereldoorlog te belichamen. Ik heb een aantal persoonlijke herinneringen aan de bezetting. Ze zullen alle dateren uit het laatste jaar, de hongerwinter. Ik herinner mij lange rijen wachtende mensen, bij gaarkeukens en bij brooduitdelingen door een grote Haagse bakkerij, in ruil voor aardappelschillen als paardenvoer. Ik herinner mij de vergeefsheid van het wachten: we kwamen thuis met niets, zonder ook maar een enkele boterham. Maar bovenal herinner ik mij hoe mannen plotseling wegdoken uit de rij en zich probeerden te verschuilen, en hoe sommigen uit de rij werden geplukt door mannen in uniform. Ik herinner mij dat grote mensen bang waren.